icon-blog Farming 3 apr '16

Waarom Mydibel een eigen landbouwbedrijf runt

Mydibel is meer dan een aardappelverwerkend bedrijf. De stamboom van de Happy Potato Family staat al jaren diepgeworteld in de aardappelgrond van het eigen landbouwbedrijf. Bestuurder Bruno Mylle en specialist ter zake Frederik Decock geven tekst en uitleg.

 

"De roots van mijn vader liggen in de landbouw", begint Bruno Mylle. "Zijn ouders waren landbouwers en hij genoot ervan een tractor bezig te zien op het land. Mijn vader zei altijd tegen mijn broer en mij dat we alles moesten kunnen, van begin tot einde: planten, sproeien, rooien, verwerken, uitleveren... Vanuit dat idee is het eigen landbouwbedrijf Agromyl gegroeid."

Vader Roger Mylle kocht de landbouwgronden rondom zijn ouderlijke huis in Bellegem en van het één kwam het ander. Toen Mydibel explosief groeide, trok Bruno de kaart van extra gronden en landbouwmateriaal – van tractoren en planters tot een sproeier, een rooier, inschuurlijnen en stockageruimtes. Aanvankelijk werden de landbouwgronden bewerkt door loonwerkers, maar tegenwoordig doet Agromyl alles zelf, inclusief het onderhoud van de machines in de eigen werkplaats.  Om de 4 à 5 jaar worden de machines trouwens vervangen om plaats te maken voor de nieuwste technieken op het vlak van gps en precisielandbouw.

 

Naast de 300 hectare aardappelteelt (+ 50 hectare met mais, bieten, tarwe en industriegroenten voor teeltrotatie) beschikt het landbouwbedrijf Agromyl over een eigen agrodienst. Die legt zich toe op het innoveren in en testen van aardappelrassen.  "We proberen nieuwe rassen uit om te zien of ze kunnen uitgroeien tot een nieuw ras voor Mydibel", verduidelijkt agrospecialist Frederik. "Een ras testen duurt ongeveer vijf jaar: eerst proberen we op een kleine oppervlakte, een testperceel.  Zijn ook die resultaten goed, dan reserveren we het jaar erop nog meer hectare. In een volgende fase kijken we of het ras goed te bewaren en te verwerken is, want uiteraard moet er voldoende rendement zijn in productie, zowel op vlak van verwerking als in teelt.  Hierbij engageren we enkele kernlandbouwers die heel gespecialiseerd werken. Pas daarna zullen we het ras echt introduceren." Dat intensieve testproces gebeurt in eigen beheer, met eigen mensen. De criteria zijn namelijk niet min: voldoende rendement,  goede kleur, lengte, smaak, resistentie, bewaring... "De voorbije tien jaar zijn we erin geslaagd een vier- à vijftal grote eigen rassen te helpen introduceren bij Mydibel leveranciers", bevestigt Frederik.  "Momenteel werkt Mydibel hoofdzakelijk met Bintje – die we in de toekomst zeker zullen blijven gebruiken want de smaak is zeer typerend – en de rest omvat het Mydibel rassenpakket, geënt op de specifi caties bij leveranciers. Daarbij zoeken we naar multifunctionele rassen, die zowel kunnen verwerkt worden in de friet als in aardappelspecialiteiten en gedehydrateerde producten. Er kan altijd iets foutlopen met de teelt en zo kunnen we de landbouwers een alternatief bieden. Dat is een van de sterktes van de Mydibel Groep."